Genesis 11:1-9

Voor de structuuranalyse van dit tekstgedeelte zie hier: Genesis 11,1-9

In deze korte passage zitten interessante woordspelingen. Bijvoorbeeld Genesis 11:3: ‘Laat ons tichelen strijken’ klinkt in het Hebreeuws als nilbena le benim ( נלבּנה לבנים) en ‘wel doorbranden’ als nisrepa serepa (נשׂרפה לשׂרפה). Voor de woorden ‘tichel’ en ‘steen’ worden dezelfde letters gebruikt: lebena en leaben ( הלּבנה לאבן ). De hoorders van deze tekst in de grondtaal zullen ongetwijfeld deze literaire kunst hebben opgevangen. Woorden als ‘naam’ (sem), ‘plaats’ (sam) en ‘hemel’ (samayim) lijken sterk op elkaar. De sam wordt door de mensen gebruikt om de samayim te bestormen om zichzelf een sem te maken. De rebellie van de mensen wordt gekenmerkt door het cluster van de letters lbn (vergelijk boven ‘tichel’ en ‘steen’). Het oordeel van God is de verwarring (nbl) van de taal. Daarnaast wordt het verhaal gekenmerkt door een chiastische structuur:

A 11:1

…..B 11:2

……….C 11:3a

……………D 11:3b

………………….E 11:4a

………………………F 11:4b

……………………………..x 11:5a ‘Toen kwam de HEERE neder’

………………………F’ 11:5b

………………….E’ 11:5c

……………D’ 11:6

……….C’ 11:7

…..B’ 11:8

A’ 11:9

Eenheid van taal (A) en plaats (B) en intensieve communicatie (C) brengen de mensen tot plannen en uitvindingen (D), met name het bouwen (E) van een stad en toren (F). Het ingrijpen van God is het keerpunt (X). Hij ziet de gebouwen (F’) die de mensen maken (E’) en bedenkt een tegenplan (D’) waardoor de communicatie onmogelijk wordt (C’) en de eenheid van plaats (B’) en taal (A’) wordt verbroken.